Hi, ik ben Mariska

Gezondheid is niet zwart-wit, en klachten ontstaan nooit zomaar. Daarom kijk ik verder dan alleen de symptomen. Ik help je om de oorzaak van je klachten te achterhalen en aan te pakken, op een manier die bij jou past. Samen werken we toe naar meer energie, minder pijn en een leefstijl die vol te houden is.

Je schildklier ondersteunen: wat kun je zelf doen?

Van selenium en jodium tot eiwitten, bloedsuiker en je lever: je schildklier heeft meer nodig dan één supplement.

In mijn vorige blog vertelde ik waarom schildklierklachten niet altijd alleen over de schildklier gaan. Je schildklier kan namelijk keurig T4 produceren – of je krijgt T4 binnen via medicatie – maar vervolgens moet je lichaam dit hormoon nog verwerken en voor een deel omzetten naar het actievere T3.

En daarvoor zijn verschillende organen, enzymen én voedingsstoffen nodig. Dus wil je je schildklier ondersteunen? Dan kijk ik liever niet naar één ‘schildkliersupplement’, maar naar het hele systeem.

  1. Selenium: belangrijk voor T4 → T3

Selenium is misschien wel een van de bekendste voedingsstoffen in relatie tot de schildklier. En terecht.

Selenium is belangrijk voor de activiteit van dejodase-enzymen die betrokken zijn bij de omzetting van T4 naar T3.

Voedingsmiddelen die selenium kunnen leveren zijn onder andere vis, eieren, vlees en paranoten. Maar let op: meer is niet altijd beter. Selenium kun je ook te hoog doseren. Ik ben daarom geen voorstander van lukraak hoog gedoseerd suppleren.

  1. Jodium: onmisbaar, maar niet onbeperkt

Zonder jodium kan je lichaam geen schildklierhormonen maken. De namen zeggen het eigenlijk al: T4 bevat vier jodiumatomen en T3 drie.

Jodium vinden we onder andere in zeevis, schaal- en schelpdieren, zuivel, eieren, gejodeerd zout en zeewier. Maar ook hier geldt: meer is niet automatisch beter. Zeker bij bestaande schildklierproblemen of auto-immuniteit is het verstandig om niet zomaar grote hoeveelheden jodium of zeewierproducten te gaan gebruiken.

  1. Vergeet je B-vitaminen niet

Dit onderdeel vind ik extra interessant omdat schildklierfunctie verweven is met veel meer biochemische processen. In het aangeleverde materiaal wordt bijvoorbeeld aandacht besteed aan methylering en MTHFR. Daarbij spelen onder andere folaat, B12, B6 en B2 een rol.

Een verminderde beschikbaarheid van deze voedingsstoffen kan dus breder doorwerken dan alleen op je energie. Daarom kan het bij aanhoudende klachten interessant zijn om niet alleen schildklierwaarden te bekijken, maar bijvoorbeeld ook B12, folaat en homocysteïne mee te nemen. Het artikel noemt daarnaast MMA als mogelijke aanvullende marker voor de B12-status.

  1. Zorg voor voldoende eiwitten

Bij een trage stofwisseling zie ik regelmatig dat mensen steeds minder gaan eten. “Ik val niet af, dus ik moet blijkbaar nóg minder eten.” Dat is niet altijd de beste oplossing.

Je lichaam heeft voldoende eiwitten en aminozuren nodig voor herstel en allerlei enzymatische processen. Ook de lever heeft aminozuren nodig voor zijn normale functies.

Denk bijvoorbeeld aan: eieren, vis, vlees, gevogelte, zuivel, peulvruchten, tofu, tempeh en andere volwaardige eiwitbronnen.

Zeker wanneer je wilt afvallen, is voldoende eiwit belangrijk om je spiermassa zoveel mogelijk te behouden.

  1. Kijk naar je bloedsuiker

Dit wordt bij schildklierklachten naar mijn mening nog te vaak vergeten.

Je lever slaat glucose op in de vorm van glycogeen. Dat vormt een energievoorraad waarmee je lichaam onder andere tussen maaltijden en tijdens de nacht je bloedsuiker kan helpen reguleren.

Daarom ben ik niet automatisch voorstander van steeds minder koolhydraten, extreem caloriearm eten of langdurig vasten wanneer iemand al moe is en metabool niet lekker draait.

Het gaat veel meer om de vraag:

Hoe reageert jouw lichaam op wat je eet?

Heb je grote glucosepieken?

Krijg je na het eten een dip?

Heb je veel cravings?

Word je ’s nachts wakker?

Heb je ’s middags ineens enorme trek?

En speelt insulineresistentie misschien een rol?

Dat kun je tegenwoordig ook heel mooi inzichtelijk maken met een tijdelijke continue glucosemeting.

  1. Zorg goed voor je lever

Als de lever een belangrijke rol speelt bij je stofwisseling en schildklierhormonen, is het logisch om hem goed te ondersteunen.

Maar ‘je lever ondersteunen’ betekent voor mij niet dat je meteen een zware detox moet doen.

De basis is veel minder spannend: voldoende bewegen, niet te veel alcohol, voldoende eiwitten en voedingsstoffen, een goede nachtrust, aandacht voor een gezond gewicht en vooral het verbeteren van de insulinegevoeligheid wanneer daar een probleem zit.

Want wanneer iemand veel buikvet, insulineresistentie en mogelijk leververvetting heeft, wil ik dáár iets mee. Niet alleen met de schildklierwaarde op het laboratoriumformulier.

  1. Zink en magnesium

Ook zink en magnesium zijn interessante voedingsstoffen binnen het grotere plaatje.

Magnesium is nodig bij honderden enzymatische reacties en wordt ook in het aangeleverde materiaal genoemd als belangrijke cofactor binnen processen rond hormoonproductie en metabolisme.

Zink is eveneens betrokken bij normale schildklierfunctie en hormoonhuishouding.

Maar opnieuw: suppletie is geen wedstrijdje ‘hoe meer hoe beter’.

Ik kijk liever eerst naar voeding, klachten, medicatie, leefstijl en waar mogelijk meetgegevens.

  1. Vergeet stress en herstel niet

Je kunt de perfecte supplementen gebruiken en toch weinig bereiken wanneer je lichaam continu onder hoge belasting staat.

Chronische stress, slecht slapen, te weinig eten en te zwaar trainen kunnen allemaal invloed hebben op je energiehuishouding.

Ook in het aangeleverde materiaal wordt die bredere metabole context benadrukt: chronische stress, een belaste lever, te strenge diëten en voedingstekorten kunnen allemaal onderdeel zijn van het plaatje bij schildklierachtige klachten.

Daarom hoort herstel wat mij betreft óók bij schildklierondersteuning.

Niet gokken, maar meten

En daar komt voor mij alles samen.

Je kunt op internet zoeken naar:

“Welke supplementen heb ik nodig voor mijn schildklier?”

En vervolgens selenium, jodium, zink, magnesium en B-vitaminen bestellen.

Maar je kunt ook eerst proberen te begrijpen waarom jouw systeem vastloopt.

Hoe is je bloedsuikerregulatie?

Zijn er aanwijzingen voor insulineresistentie?

Hoe staat het met je lever?

Krijg je voldoende voedingsstoffen binnen?

Hoe ziet je T4-T3-verhaal eruit?

Zijn er genetische variaties waardoor je bijvoorbeeld extra aandacht zou kunnen hebben voor bepaalde voedingsstoffen of metabole processen?

Meten geeft inzicht. En inzicht maakt het mogelijk om veel persoonlijker te adviseren.

Want uiteindelijk bestaat er niet één schildklierdieet en ook niet één supplementenprotocol dat voor iedereen werkt.

Je schildklier is onderdeel van een veel groter systeem.

En soms ligt de sleutel tot verbetering daarom niet alleen bij de schildklier…

maar bij begrijpen wat jouw lichaam nodig heeft om het hele systeem weer beter te laten samenwerken.

Gebruik je schildkliermedicatie? Verander of stop deze nooit zonder overleg met je behandelend arts. Bij vermoeden van een schildklieraandoening, Hashimoto of leveraandoening is medische diagnostiek belangrijk. Voedingssupplementen zijn geen vervanging voor noodzakelijke medicatie of behandeling.

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *